De ondernemer moet besluiten die grote gevolgen voor het personeel hebben, goed motiveren. Anders is het besluit kennelijk onredelijk en wordt het door de rechter teruggedraaid.
Het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers in Rijswijk heeft de eerste fase van een reorganisatie per 1 januari 2006 ingevoerd. De ondernemingsraad krijgt de tweede fase een half jaar later ter advisering voorgelegd. Met betrekking tot de personele gevolgen verwijst de ondernemer naar het Sociaal Plan 2003. De ondernemingsraad is van mening dat de medewerkers die als gevolg van fase 2 ontslag krijgen een nadeligere positie hebben dan medewerkers uit fase 1. Inmiddels is namelijk het afspiegelingsbeginsel geïntroduceerd, de WW versoberd en de wachtgeldregeling aangepast. De ondernemingsraad vraagt de ondernemer om maatregelen die de gevolgen voor het personeel opvangen. Bij brief van 12 december 2006 neemt de ondernemer toch het besluit tot reorganisatie met toepassing van het Sociaal Plan 2003. Hierop stapt de ondernemingsraad naar de Ondernemingskamer.
Het is de vraag of de ondernemer de OR voldoende heeft geïnformeerd over de gevolgen voor de werknemers en de daarvoor genomen maatregelen. In het geldende Sociaal Plan en Herplaatsingsbeleid en -reglement staan nauwelijks maatregelen die gelden voor de situatie na beëindiging van het dienstverband.
Commentaar
Op het moment dat een voorgenomen besluit ingrijpende gevolgen heeft voor het personeel, moet de ondernemer een zwaarwegende motivering geven. Bovendien moet hij ook een deugdelijk Sociaal Plan presenteren. Als de ondernemer daarover met de vakorganisaties onderhandelt, dient hij de hoofdlijnen van het akkoord duidelijk te maken op het moment dat hij de ondernemingsraad om advies vraagt.












